Bataafsche Leeuwarder Courant: Napoleons proclamatie in Egypte

Inleiding: Over de bron

In 1798 begon Napoleon Bonaparte aan zijn avontuurlijke expeditie in Egypte. Na de plaatselijke heersers te hebben verdreven begon hij met het doorvoeren van zijn grootse plannen. Naast soldaten had hij tientallen verschillende soorten wetenschappers, vakmannen, kunstenaars en bureaucraten meegenomen om zijn Egyptische droom werkelijkheid te maken. Ook de drukpers mocht niet ontbreken. Een van de eerste uitdagingen was namelijk het ‘winnen’ van de bevolking. En dat deed Napoleon op een eigenaardige manier: massapropaganda. Hij liet verscheidene (Arabische) pamfletten, boeken en nieuwsblaadjes drukken en verspreidde dit onder de bevolking van Egypte. Terughoudend was hij allerminst. Napoleon vond het geen probleem de bevolking te laten horen wat ze wilde, al betekende dit dat hij (ogenschijnlijk) moest toegeven aan hun religie.

Napoleon in Caïro door Jean-Léon Gérôme Princeton University Art Museum

De onderstaande proclamatie is daar een van de vele voorbeelden van. Dit is een oproep die Napoleon deed (liet doen) aan het Egyptische volk na zijn overwinningen.

Het onderstaande stuk is afkomstig uit de Bataafsche Leeuwarder Courant van zaterdag 29 september 1789. Nederland heette toen al sinds 1795 de ‘Bataafse Republiek’ en was een soort vazalstaat van Frankrijk geworden.

Hieronder volgt de originele (uitgeschreven) brontekst, met daaronder de mogelijkheid een scan van het krantenartikel te downloaden als PDF.

Opmerking: Sommige woorden of zinnen kunnen door het oude Nederlands soms moeilijk te begrijpen zijn. Wat dan vaak helpt is om de zin nog eens hardop (met stemgeluid) te lezen. Dat maakt moeilijke zinnen (en woorden) in oud-Nederlands in de meeste gevallen begrijpbaar.


De uitgeschreven brontekst

1798, No. 58
BATAAFSCHE LEEUWARDER COURANT
SATURDAG DEN 29 SEPTEMBER

TURKTEN.

CONSTANTINOPOLEN den 20 Augustus. By het inmarcheeren der Franschen in Egypten heeft de Generaal Buonaparte de volgende Proclamatie zo men wil in het Arabisch uitgegeven:

In naam van den Genadigen en Barmhartigen GOD, — de, eenige en waare GOD alleen dezelve heeft geenen Zoon, of Medehelper in zyn Ryk.

Reeds lang verlangde men naar het tegenwoordig oogenblik, het welk ter tugtiging der Beys van Egypten bestemd is. Deze, die uit het Gebergte van Georgië en Bazors afkomstig zyn , waagden het, zo schoon een Land ten verderve te doen snellen; de Fransche Natie reeds lang te hoonen; dezelve met verächting te behandelen, en derzelver Kooplieden op allerleye wyzen te drukken. Thans koomt Buonaparte, volgens de grondbeginzelen der Vryheid, Generaal van het Fransch Gemenebest. Hy bevindt zich hier, en de Almagtige, de Heer van beide Werelden, heeft den ondergang van de heerschappy der Beys bezegeld.

Bewooneren van Egypten, wanneer de Beys U zeggen, dat de Franschen gekomen zyn, om uwen Godsdienst te verdelgen, is dit een openbaar bedrog. Gelooft hun niet. Antwoord in tegendeel deze Bedriegeren, dat zy alleen gekomen zyn, om de Rechten der Armen aan de handen der Tyrannen te ontwringen, en dat de Franschen, veel meer, dan zy, het Opperwezen aanbidden, en den Propheet en zynen Heiligen Koran vereeren.

Alle Menschen zyn in de oogen Gods elkanderen gelyk. Alleen verstand, bekwaamheid en kundigheden maken tusschen dezelve eenig verschil. Daar nu de Beys deze hoedanigheden niet bezitten, hoe kunnen zy dus waardig zyn, deze Landen te beheersche?
En egter zyn zy de eenige Bezitter van verbaazend uitgestrekte stukken Gronds, schoone Slaavinnen, voortreffelyke Paarden, pragtige Paleizen! Hebben zy hier op, eenig uitsluitend recht van de Godheid ontvangen? Zo dit het geval is, behooren zy het te toonen; want de Allerhoogste, die omtrent alle Menschen rechtvaardig en barmhertig is, wil, dat voortaan geene Bewooneren van Egypten verhinderd worden, naar de hoogste Eerämbten te dingen, en tot de aanzienelykste waardigheden op te klimmen. De inrigtingen, welke er weldra door Lieden van vernuft, ongemeene begaafdheden en schranderheid zullen gemaakt worden, zullen geluk en eene algemeene veiligheid ten gevolge hebben. De dwingelandy en der Beys hebben Egypten verwoest, hoe volkryk en welbebouwd het ook te vooren wezen mogt.

De Franschen zyn ware Muslims — Muzulmannen. — Nog onlangs begaven zy zich naar Romen, om aldaar den Stoel des Pausen om te keeren, die de Christenen tegen de Aanhangelingen van den Islam — het waar geloof, of de leere van Mahomed — aanzette. Vervolgens namen zy hunnen weg naar, en rigtten hunne pogingen tegen Maltha, en verdreven van daar de Ongeloovigen, die zich verbeelden, dat zy van God geschapen waren, om de Muslims te bestryden. Door alle tyden heen waren de Franschen de oprechte Vrienden der Ottomanische Keizers en Vyanden, hunner Vyanden. Dus moge dan het Ryk des Sultans eeuwig duuren. Mogten daar tegen de Beys van Egypten, onze Vyanden, zy, wier onverzadelyke hebzugt, steeds ongehoorzaamheid en wederspannigheid verwekte, in het stof vertreden, en vernietigt worden.

Een goede boodschap den Bewooneren van Egypten, die zich met ons vereenigen, gelyk ook den genen, die in hunne Wooning blyven, eene volstrekte onzydigheid in het oog te houden, en wanneer zy ons gedrag met eigen oogen gezien hebben, zich zullen haasten, om zich te onderwerpen. Doch een verschrikkelyke dood den zodanigen, die voor de Beys en tegen ons de Wapenen opvatten. Er zal geen heil voor hun wezen, en geen spoor van hun overig gelaten worden.

ARTICUL I. Alle Plaatzen en Dorpen, die tot op den afstand van drie uuren van den weg, dien het Fransche Leger nemen zal, afleggen, zullen verpligt zyn, eenen hunner aanzienelykste Inwooneren aan den Generaal af te zenden, om te verklaaren, dat zy zich onderwerpen, en de Fransche Vlag, welke blaauw, wit en rood is, willen uitsteken.
II. leder Dorp wiens Inwooneren zich tegen het Fransche Leger verzetten, zal in brand gestoken worden.
III. Elk Dorp, het welk zich aan de Franschen onderwerpt, zal, benevens de Fransche insgelyks de Vlag der verheven Porte, haare Vrindin, wier duur eeuwig zy, uitsteken.
IV. Dse Scheiks — oudsten der Geslachten, of Bevelhebbers — en de aanzienelykste Lieden van elke Stad en Dorp, moetende Goederen, Huizen en Effecten der Beys verzegelen, en zorgen, dat er niet het geringde daar van verloren ga.
V. De Scheiks, Kadi’s en Imans — Bevelhebbers, Richters en Priesters — zullen, gelyk hun pligt dit van hun eischt, met hunne Ambtsverrigtingen voortgaan, gerust in hunne Wooning blyven, de gebeden, als naar gewoonte in de Musqueën en Bedehuizen houden, en hunnen Godsdienst verrigten. Alle de Bewooneren van Egypten zullen het Opperwezen danken, en openbaare gebeden voor de vernietiging der Beys instellen.

Moge de hoogste God den roem des Sultans, en der Osmannen eenen eeuwigen duur schenken; moge hy het Fransche Leger ondersteunen, den Mamalukken zynen toorn doen ondervinden, en het lot der Egyptische Natie verheerelyken.

De bron

(Download hier de PDF: Napoleon proclamatie Egypte)